"Garantie" is iets dat veel verschillende interpretaties kent. Wettelijk omvat het de verplichting om binnen een bepaalde tijdsperiode bij normaal gebruik stuk gegane onderdelen te vervangen door nieuwe. De gedachte daarbij is dat iets wat wordt gemaakt ook een redelijke periode "fit for purpose" is.
De autofabrikant kan, na verloop van de wettelijke garantietermijn, daarop varieren. Zo kan het onbruikbaar worden van diverse onderdelen langer onder fabrieksgarantie vallen, of ook geheel worden afgeschaft. Daarnaast kunnen extra voorwaarden worden gesteld, zoals het hebben voldaan aan allerlei onderhoudsvoorschriften. Dat is in feite waar de 10 jaars garantie op neerkomt: sommige zaken vallen er wel onder, andere niet.
De fabrikant is, na het vervallen van een wettelijke verplichting tot garantie, vrij om daarna nog enigerlei vorm van garantie te verlenen. Dat kan uit commercieel oogpunt interessant zijn - voor zowel de garantiegever als koper. Voor de garantiegever omdat hij zich met extra garantie meer werkplaatsbezoek krijgt, dat dan hopelijk meer inkomsten oplevert dan de uit de extra garantie voortkomende gratis vervangingen.
Ook voor de autogebruiker kan het aantrekkelijk zijn: de kosten van toekomstige dure reparaties kunnen mogelijk onder de extra garantie vallen. Daar moet dan wel extra voor worden betaald: het laten uitvoeren van normaal onderhoud dient met een zekere frequentie te geschieden door een daartoe in de garantievoorschriften bepaalde plaats - hetgeen mogelijk kostenverhogend is.
In feite is een langere garantie dus een soort "verzekering" voor de gebruiker - tegenover de zekerheid van een regelmatig te betalen premie staat de kans dat bij bepaalde noodzakelijke reparaties de gebruiker deze niet hoeft te betalen. Dat geeft "zekerheid" of in ieder geval de verwachting dat reparaties conform de garantievoorwaarden worden vergoed.
Eigenlijk komt het neer op slimme marketing en het inspelen op de angst voor financiele tegenvallers bij de autogebruiker.
Dat bij de 10 jaars garantie zaken als allerlei schermen, audiovoorzieningen en peperdure koplampen zijn uitgesloten is niet helemaal onredelijk. De autofabrikant koopt die dingen in, zonder veel inzicht in de te verwachten gebruiksduur. Bij de door de fabrikant zelf bedachte zaken (motor, aandrijving, wielophanging etc.) is er wel de ervaring hoe lang daarvan de te verwachten levensduur is, bij de "gadgets" is die kennis waarschijnlijk afwezig. Niet helemaal onredelijk dus, maar wel uiterst irritant omdat je meestal als consument daar niet bewust rekening houdt. Het laat zich samenvatten als "als je voor de garantievoorschriften een leesbril nodig hebt, is het zaak de inhoud van een toezegging goed tot je door te laten dringen". Deels betaal je voor een "dode mus".....